Gratis verzending binnen Nederland bij bestellingen boven €55 | Langere levertijden - lees meer

IN DE HOOFDROL

De belachelijke excuses die landen geven om het internet plat te leggen

Door Deji Bryce Olukotun

In juni werd in Jammu (India) in de aanloop naar een traditioneel worsteltoernooi het mobiele internet platgelegd. Natuurlijk werd er door de deelnemers niet geworsteld met smartphones in hun handen, maar de organisatie was bang dat hetzelfde zou gebeuren als in 2014: toen braken er rellen uit omdat lokale bewoners beweerden dat het toernooi plaatsvond op een oude begraafplaats. De overheid hoopte dat mensen elkaar nu niet weer tot geweld zouden aanzetten als het internet was platgelegd. Later die dag werd besloten om het toernooi op een andere plek te houden, en het internet ging weer 'aan'. 

Dit bizarre incident laat zien hoe lastig het is om te strijden tegen het platleggen van het internet. Van de korte onderbreking van social media in Turkije tijdens de mislukte coup tot het blokkeren van WhatsApp eerder deze week in Brazilië: internet shutdowns komen in steeds complexere vormen. Vaak worden communicatiediensten afgesloten kort voordat grote mensenrechtenschendingen plaatsvinden. Tijdens een ander incident later in juni, in de buurt van Kashmir in India, kon bijvoorbeeld een journalist niet meer online komen nadat ambtenaren het mobiele internet in de regio hadden afgesloten. Toen hij wel weer verbinding had, kwam hij erachter dat er acht mensen waren vermoord tijdens de black-out. Bedrijven lopen geld mis en hulpdiensten kunnen hun werk niet uitvoeren. Het Software Freedom Law Centre in New Delhi heeft in de afgelopen drie jaar dertig verstoringen geregistreerd. Alleen al in 2016 heeft Acces Now, waar ik werk, bijna dertig shutdowns wereldwijd geregistreerd. Deze week werd in Ghana opnieuw gedreigd om social media-kanalen te blokkeren tijdens de verkiezingen - hét meest kritieke moment van een democratie - vier maanden voordat er gestemd gaat worden.

Een van de vreemdste en vooral schadelijkste vormen van internet shutdowns heeft te maken met schoolexamens. In de afgelopen zes maanden hebben vier landen het internet platgelegd vanwege schoolexamens, zogenaamd omdat zowel studenten als onderbetaalde leraren geld proberen te verdienen aan het online uitlekken van examenantwoorden. Irak heeft het hele internet geblokkeerd zodat achtste-groepers niet kunnen spieken, terwijl dit een land is dat bedreigd wordt door ISIS en waar informatie het verschil tussen leven en dood kan betekenen.

In Gujarat (India) hebben ambtenaren in februari tijdens een boekhoud-examen het mobiele internet afgesloten vanwege "gevoelige inhoud," een actie met ingrijpende gevolgen: bijna iedereen in deze regio gebruikt hun mobiel om online te gaan. Volgens de maatschappelijke organisatie Social Media Exchange werden in juni in Algerije alle websites, op Wikipedia na, geblokkeerd om te voorkomen dat niemand kon spieken tijdens de International Baccalaureate-examens. Ethiopië volgde hun voorbeeld door deze maand social media te blokkeren omdat de universitaire toelatingsexamens plaatsvonden.

Op het eerste gezicht lijken deze maatregelen belachelijk (en ik zal bewijzen dat ze dat ook zijn), maar vorige week sprak ik in New York met een man uit Ethiopië die naar de Verenigde Naties ging om te strijden voor mensenrechten. Hij stond verrassend sympathiek tegenover de beslissing van zijn regering om social media te blokkeren: als je examens fraudeert, schend je de rechten van studenten die zich wel gewoon aan de regels houden. Hij had een punt. Ik dacht aan alle tijd die ik vroeger in mijn examens had gestoken en ik zou woedend zijn als oneerlijke medestudenten mijn kansen zouden verspillen. Onder de 31 verdachten in Algerije die examenresultaten hadden gelekt, waren een aantal leraren. Social Media Exchange merkt op dat scholieren in deze regio - met 25 tot 30 procent jeugdwerkloosheid - er alles voor over hebben om hogerop te komen.

Deze rigoureuze 'oplossing' voor het frauderen van examens vraagt om nieuwe aanpassingen in het onderwijs. Zo kunnen mobiele telefoons worden verboden in examenruimtes, met de terugkeer van old-skool rekenmachines, er kunnen kluisjes met slot worden geïnstalleerd of misschien moet de manier van surveilleren wel anders. Maar proberen het frauderen te stoppen door het internet plat te leggen is geen oplossing. De Mensenrechtenraad van de VN verklaarde onlangs in Genève heel helder dat het opzettelijk platleggen van het internet de mensenrechten schendt. Ook bedrijven als Facebook, Google en Microsoft staan hier achter: met het Global Network Initiative kwamen zij met een sterk statement dat door telecombedrijven als AT&T, Vodafone en Orange werd onderschreven. Zelfs de GSMA, een van 's werelds grootste technologieverenigingen, heeft strenge normen ontwikkeld - de zogenaamde Service Restriction Orders. Wij van Acces Now werken samen met bijna 90 organisaties uit 41 landen aan de #KeepitOn-campagne om het aantal internet shutdowns terug te dringen. En het is erg belangrijk dat autoriteiten, zoals Kishore Singh - VN-woordvoerder voor het recht op onderwijs - zich uitspreken tegen shutdowns rondom examens.

Niemand houdt van frauderen of van multiple-choice vragen, en iedereen heeft weleens hoog ingezet bij een examen wat op een ramp uitliep. (Zo maakte ik de toelatingstest voor mijn rechten-studie op een oude laptop die steeds mijn klok, en daarmee de hele computer, resette...). Maar als het op de toegang tot het internet aankomt, ligt de inzet nog veel hoger dan die bij toelatingsexamens.

Dit artikel verscheen eerder in Slate: Future Tense.

Opmerkingen (0)
0 opmerkingen