Gratis verzending binnen Nederland bij bestellingen boven €55 | Langere levertijden - lees meer

IN DE HOOFDROL

Zaadjes voor groene vluchtelingenkampen

Het aantal mensen dat op de vlucht is voor oorlog, geweld en vervolging was nog nooit zo hoog: in totaal 25,4 miljoen vluchtelingen. Zaadjes planten lijkt het laatste waar zij zich mee bezig willen houden. Maar in een aantal vluchtelingenkampen richten organisaties zich juist op tuinieren: Lush’ Katie Dancey-Downs vertelt over de grote voordelen ervan.

Domiz, Irak

In het vluchtelingenkamp Domiz in het noorden van Irak verzorgt Avine Ismail de bloemen en planten in haar tuin. Het laat haar even aan iets denken dan aan de realiteit: haar 13-jarige dochter heeft een levensbedreigende hartaandoening en het gevaar dat haar echtgenoot wordt gedood door Islamitische Staat is nog steeds aanwezig.

Af en toe komt een buurvrouw bij haar tuin zitten. Avine vraagt haar waarom. “Het doet me aan Syrië denken. Aan thuis,” zegt ze.

Het kamp in Domiz is anderhalf keer zo groot als de stad New York. Hier verblijven meer dan 26.500 vluchtelingen. De kampen zijn bedoeld als tijdelijke opvangplek, maar een oplossing op de korte termijn is nog niet in zicht. Sinds het opzetten van de eerste tent in 2012 is het kamp dan ook alleen maar groter geworden: het beslaat nu 1142 km2.

De tenten zijn inmiddels vervangen door betonnen huisjes en mensen hebben kleine handeltjes opgezet en groene hoekjes ingericht.

Terwijl Avine op een dag in haar tuin bezig was, zag ze leden van The Lemon Tree Trust rondlopen: een organisatie die zorgt voor groene initiatieven in vluchtelingenkampen in het Midden-Oosten. Trots liet Avine hun haar tuin zien.

Nu werkt ze als adviseur voor The Lemon Tree Trust. Via enquêtes vroeg Avine andere mensen in het kamp – die ze anders nooit had ontmoet – wat hun wensen en ideeën zijn omtrent tuinieren.

Op een klein lapje grond in het kamp is een biologische demonstratietuin aangelegd. Hij is mogelijk gemaakt door The Lemon Tree Trust, maar is in beheer van de kampbewoners. In een kunststof kas verbouwen zij groenten en fruit als broccoli, radijs, uien en andere seizoensgewassen. Een deel van de tuin is speciaal ingericht voor vrouwen en kinderen, waar de kleintjes veilig kunnen spelen.

Het project is niet alleen bedoeld om vluchtelingen in hun eigen voedsel te laten voorzien. Projectdirecteur Carrie Perkins van The Lemon Tree Trust: “Dit gaat nog veel meer over het omgaan met de sociale problemen die er spelen, over mensen die weer grip willen krijgen op hun leven. Tuinieren is autonomie. Jij vormt de ruimte om je heen.”

Volgens haar is dit een manier je weer mens te voelen: “Het project draait om de gemeenschappen en het samenkomen van mensen. Allemaal dingen die niets met voedsel te maken hebben.”

Zo had Domiz behoefte aan een plek waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en dingen kunnen doen die hen verbindt. Een plek die ook rust en schaduw biedt in de hete woestijn.

Het tuinierproject gaat in op de kennis die mensen al hebben. Zo hadden sommige vluchtelingen uit Syrië al zaden bij zich. The Lemon Tree Trust levert ze tuingereedschap en meer zaden en biedt trainingen aan, maar het echte werk is in handen van de mensen die het kamp hun thuis noemen.

Micro-tuinieren zorgt voor voedsel en verbondenheid, maar er zijn meer voordelen: de planten en bloemen maken de omgeving een stuk aangenamer om in te leven. Bomen zorgen op hun beurt voor meer privacy, dempen het geluid en beschermen tegen het woestijnstof. Daarnaast biedt de organisatie financiële steun aan kleine landbouwbedrijfjes in het kamp.

Het grootste voordeel van micro-tuinieren is dat de vluchtelingen hun trauma’s iets gemakkelijker leren te verwerken. “Veel mensen zeiden dat alleen al de aanblik van het groen hun een gevoel van rust geeft,” vertelt Carrie.

Met de hulp van Lush en Mercy Hands breidt het werk van The Lemon Tree Trust zich uit naar buiten het kamp. Vluchtelingen in Domiz stellen kleine en grote tuinkits samen die naar andere kampen in het Midden-Oosten worden verstuurd. De kleine kits bevatten zaden en gereedschappen, terwijl de grote kits genoeg materiaal bevatten voor een grote gemeenschappelijke tuin.

De Beka-vallei, Libanon

In Libanon mogen Syrische vluchtelingen, anders dan in Irak, niets in de grond planten. In plaats daarvan krijgen ze daar voedselbonnen van het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de Verenigde Naties. Maar door de grootte van gezinnen zijn groenten voor veel mensen een luxe-item dat ze zich niet kunnen veroorloven. Inmiddels is er dan ook sprake van ondervoeding.

Het WFP vroeg de duurzame-landbouworganisatie SOILS Permaculture Association Lebanon om een passende oplossing voor dit probleem. Het antwoord: grote plantenbakken. In plaats van gewassen ín de grond planten wordt er nu óp de grond geplant. Pallets, jutezakken en kleine containers werden omgevormd tot plantenbak en vonden zo hun plek in de micro-tuin.

De organisatie kreeg in 2016 de financiering om 120 kampen voor een halfjaar te steunen. SOILS koos voor kleine kampen, omdat deze gemakkelijker te beheren zijn en waarschijnlijk betere resultaten zouden opleveren.

Projectcoördinator Amani Dagher bezocht acht kampen om te kijken naar de watervoorzieningen en de beschikbaarheid van de ruimte, en om erachter te komen of mensen überhaupt geïnteresseerd zijn in een micro-tuin. Amani: “Als dat niet het geval was, zou het project geheid mislukken.”

SOILS werkte samen met de Syrische vluchtelingen bij het planten van gewassen als snijbiet, okra en spinazie. Daarnaast plantten ze voor de mensen bekende smaken als chili, Armeens komkommer en tomaten. Goudsbloem en lavendel doen dienst als natuurlijke bestrijdingsmiddelen en fleuren het kamp tegelijkertijd wat op.

De eerste fase van het project was zwaar en viel ook nog eens samen met de Ramadan. Uit solidariteit werkte het team van SOILS daarom alleen in de avonduren. Daarnaast was er maar beperkt water, ontstonden er spontane brandjes en werkte het weer soms niet mee.

Maar het harde werk wierp zijn vruchten af: al na twee maanden kon er worden geoogst. Een bepaald kamp haalde 20 kilo tomaten en 20 aubergines binnen, uit slechts drie of vier zaadjes van elk gewas.

Human Rights Watch meldt dat de helft van de kinderen van Syrische vluchtelingen in Libanon geen onderwijs krijgen. Maar door de zorg voor een tuin en lessen over waterbeheer, compost en zaden, kan SOILS dit gat voor de kinderen opvullen. Volgens Amani waren de kinderen dan ook het meest enthousiast.

De organisatie Bouzourna Jouzourna nam na een halfjaar het werk van SOILS in de kampen over. SOILS zelf richt zich nu op andere duurzame-landbouwprojecten in Libanon, waarvan sommige financieel worden gesteund door Lush.

De voordelen zijn groot

SOILS merkte dat niet iedereen iets ziet in micro-tuinen in vluchtelingenkampen, omdat deze van tijdelijke aard zijn.

Lokale autoriteiten in Irak waren ook sceptisch tegenover het idee van The Lemon Tree Trust, maar Carrie wist ze te overtuigen. Ze vertelde over de vele voordelen: een groenere omgeving, meer schaduw, hulp bij traumaverwerking en meer verbondenheid binnen de gemeenschap. Daarnaast kan er geld worden bespaard door water te hergebruiken en ontstaan er banen voor vluchtelingen.

Volgens Carrie is het grootste obstakel voor micro-tuinen in vluchtelingenkampen dan ook puur en alleen het idee dat deze maar tijdelijk zijn.

 

Lees alle Lush nieuwtjes in onze nieuwsbrief! Geef je nu op en mis niets!

 

Foto boven: tuin in Domiz. Foto’s onder: plantenbakken in Libanon en Domiz. Met dank aan SOILS en The Lemon Tree Trust.

libanon vluchteling kamp planten
micro tuinieren irak domiz
Opmerkingen (0)
0 opmerkingen